Leeftijd:

7-9 jaar

Trefwoorden:

youtube, vlogs

Mijn kleinzoon van ruim 7 kijkt naar vlogs; vreemde ruwe filmpjes met erg grof taalgebruik. Ik denk dat dat niet past bij de ontwikkeling van een kind van 7. Af en toe gebruikt hij die grove taal ook thuis en bij ons.

Ik vind dat vloggerstaal niet past in het gewone leven. Maar hij slaat dat taalgebruik dus wel op in z'n hersentjes, en moet dat een plek zien te geven. Wat me best ingewikkeld lijkt. Het ís al zo'n druk jongetje, en nou moet hij ook nog bedenken wat hij wanneer wel en niet kan zeggen. Dat geeft nog meer onrust, en geen veiligheid, is mijn mening. Wat is uw advies?

Het antwoord van de deskundige

In principe beantwoorden we nooit vragen van derden, over kinderen van anderen. Maar omdat deze vraag heel vaak gesteld wordt, vooral ook door grootouders, zullen we er – bij uitzondering – toch aandacht aan besteden.

Eerst iets algemeens over die vlogs, en over de ontwikkeling van kinderen van deze leeftijd. Daarna meer over het probleem zelf.

Kinderen in de basisschoolleeftijd zijn dol op dubieuze vlogs. Heel populair zijn bijvoorbeeld  de filmpjes van Dylan Haegens en van StukTV. Die vinden ze leuk en spannend. Ten eerste omdat hun leeftijdsgenoten, waaronder klasgenoten, ze leuk en spannend vinden. Daar worden ze door geïnspireerd, en daar willen ze graag in mee gaan. Om erbij te horen. En ten tweede omdat die filmpjes ook aansluiten op het idee dat verboden dingen sowieso leuk zijn. Lekker poep en pies zeggen! En als volwassenen daar afkeurend op reageren, des te beter. Want dat geeft aandacht. En aandacht is voor kinderen net zo'n eerste levensbehoefte als eten, drinken en slapen.

Over het bevattingsvermogen van uw kleinzoon hoeft u zich geen enkele zorgen te maken. Zijn hersentjes kunnen het heel goed aan, wat je in welke situatie wel en niet kunt zeggen. Maar u kunt daar natuurlijk wel een handje bij helpen, door steeds – geduldig – te zeggen dat ú het niet accepteert, als hij tegen zijn grootouders grove taal gaat uitslaan.

Kijkwijzer

U heeft gelijk dat veel van die vlogs minder geschikt zijn voor kleine kinderen. Het is ook niet voor niets dat een van de criteria van Kijkwijzer (voor het beoordelen van films en tv-programma's op mogelijke schadelijkheid) betrekking heeft op 'grof taalgebruik'. (De andere criteria zijn: seks, geweld, engheid, discriminatie en drugsgebruik.)

Het vervelende is alleen dat Kijkwijzer alleen iets kan zeggen over films en tv-programma's, en niet over vlogs. Kijkwijzer is een vorm van zelfregulering van filmproducenten en tv-makers. En daar hoort Google (de eigenaar van YouTube, waar die vlogs op gepubliceerd worden) niet bij. Kijkwijzer kan sowieso niets zeggen over internet. Laat staan dat aanbieders op internet (bedrijven, of particulieren die zelf teksten en beelden uploaden) zich iets van Kijkwijzer hoeven aan te trekken.

Ouders en grootouders

Een tweede probleem is dat u de grootmoeder bent, en niet een van de ouders. U bent dus niet rechtstreeks betrokken bij de opvoeding van uw kleinzoon. Zijn ouders zijn degenen die iets over hem te zeggen hebben, althans over zijn opvoeding, maar u niet... (Al kunt u natuurlijk wel zeggen wat u wel en niet wilt in uw eigen huis.)

Het enige wat u kunt doen, is praten met de ouders van uw kleinzoon, en voorzichtig vragen of ze het wel zo'n goed idee vinden dat hun zoon naar deze pulp kijkt. En vragen hoe zíj omgaan met die invloed op zijn taal.

Praten met je kleinkind

Daarnaast kunt u natuurlijk zelf praten met uw kleinzoon. En hem uitleggen dat het niet normaal is wat hij ziet en hoort op die vlogs, en bovendien dat je niet alles wat je op tv of YouTube ziet na kunt doen. Zeg erbij dat dat niets te maken heeft met 'een ouderwetse oma', maar met normaal (en abnormaal) menselijk gedrag. En dat het wel zo prettig is wanneer we met z'n allen een beetje fatsoenlijk met elkaar omgaan.

Ook kunt u natuurlijk heel duidelijk uw grenzen aangeven als uw kleinzoon dat ruwe taalgebruik gaat overnemen, en ook bij u gaat gebruiken. U kunt dan gewoon zeggen dat u dat niet wilt hebben, in uw huis, of in uw bijzijn. Wees daar heel consequent in. En wijs ook anderen terecht, als die er misschien om gaan lachen als uw kleinzoon ruwe taal gaat uitslaan. Zo helpt u hem om te leren wat je wanneer wel en niet kunt zeggen.

U kunt hieronder reageren op het artikel of u kunt zelf een vraag stellen aan een deskundige. Lees voor het stellen van een vraag ons privacystatement.

Reageer